| ROMEINEN IN DE GELDERSE STREKEN -WAT EEN VERHAAL! |

Wie aan de provincie Gelderland denkt, heeft direct associaties met rijke historie. In Gelderland streken meer dan tweeduizend jaar geleden de Romeinen al neer. Zij bouwden hier de stad Noviomagum, het huidige Nijmegen. Nijmegen werd dankzij de gunstige ligging een uitvalsbasis voor de Romeinse legers die nog verder naar het noorden wilden oprukken. De Bataven die hier al woonden, werden bondgenoten van de Romeinen. Als medestanders kregen zij bepaalde voorrechten, zoals vrijstelling van belasting. 


Wat vinden we anno 2016 nog terug van die Romeinse beschaving?

Meer dan 400 jaar lang maakte het zuiden van Nederland deel uit van dit Romeinse Rijk. De Romeinen zorgden voor welvaart en voor de langste periode van vrede uit de West-Europese geschiedenis. Anno 2016 herkennen we de Romeinse cultuur nog steeds in verschillende facetten van onze samenleving. Denk aan rechtspraak, wegenbouw, het schrift, architectuur – in veel onderdelen van onze moderne beschaving zijn Romeinse wortels te herkennen. 

Het ‘Verhaal van Gelderland’ wijst de bezoeker van de Gelderse Streken op de Romeinse tijd van toen en legt de combinatie met het toerisme anno 2016. Je kunt je op allerlei plekken onderdompelen in die Romeinse cultuur maar tegelijkertijd genieten van het comfort van nu.

 



| Bekijk een Romeins patrouilleschip en scheep in voor een tocht over de rivier | 

De noordelijke grens van het Romeinse Rijk werd gevormd door de Rijn. Hier voeren liburna's, snelle patrouilleboten, tussen de forten en de steden aan het water. Een liburna kun je bekijken bij Museumpark Oriëntalis bij Berg en Dal. Bij je bezoek pik je meteen de Romeinse geschiedenis mee. Varen in Gelderland? Maak een boottocht! Er zijn tientallen opstapplaatsen.

Legerkamp

Kort voor onze jaartelling legden de Romeinen op de Hunnerberg (Nijmegen-Oost) een houten legerkamp aan, dat zo groot was dat er twee legioenen (12.000 man) konden verblijven. Op het oostelijker en nog hoger gelegen Kops Plateau bouwden zij een commandopost. Een aquaduct (dat bij Berg en Dal nog steeds zichtbaar is) zorgde voor de watervoorziening. 

Op en rond het huidige Valkhof verrees een burgerlijke nederzetting: Oppidum Batavorum (stad van de Bataven). Hier woonden Romeinse ambtenaren, handelaren en een klein aantal Bataven. Op het Kelfkensbos werden in 1980 twee fragmenten van een Romeinse godenpijler gevonden. Deze dateren uit het jaar 17 en zijn het bewijs dat Nijmegen de oudste stad van Nederland is. Een godenpijler betekende in de Romeinse tijd dat die plek werd gezien als bestuurlijk centrum, en dus als belangrijke plaats. Museum het Valkhof, gelegen op het Kelfkensbos, heeft een grote collectie over de Romeinse historie.  

 



| Water voor de Romeinen en thee in de mooiste polder van Nederland | 

De Romeinen gebruikten hoogteverschillen voor het transport van water. Ook in het Rijk van Nijmegen. Bij Berg en Dal vind je de restanten van zo'n aquaduct. Kijk daar vanaf de heuvels naar het noordoosten, dan zie je de Ooijpolder aan de Waal. Middenin ligt huiskamercafé Oortjeshekken. Startpunt voor wandel-en fietstochten door de natuur

 



| Oog in oog met de oude beschaving en
culinair genieten in stijl | 

In Nijmegen vind je de  2000 jaar oude sporen van het Romeinse Rijk terug. Onder de kerk van Elst liggen nog resten van een Romeinse tempel. Daar vereerden de Romeinen uitgebreid hun goden. Maar ze zorgden ook goed voor zichzelf. Bij Eetverleden in Nijmegen kun je aanschuiven voor een maaltijd zoals de oude Romeinen die aten. Culinaire jongens hoor, die Romeinen!

Romeinse cultuur

Hier en daar bouwen de Romeinen tempels, zoals in Elst en Cuijk. De welvaart van de Romeinen is af te lezen aan hun villa's, zoals de villa van Plasmolen. Maar er verrezen ook fabrieken, zoals de enorme steenbakkerij De Holdeurn bij Berg en Dal waar honderdduizenden dakpannen en talloze  soorten aardewerk werden gebakken. 

 

| Op zoek naar Romeinse historie, van masker tot masker |

De oude Romeinen hielden van baden. Met z'n allen in het badhuis in het eigen bad thuis. Het heilzame water waar je nu in Sanadome van kunt genieten, komt uit bronnen van 700 meter diep. Die waren er in de Romeinse tijd ook al. Waar de oude Romeinse nederzetting was, staat nu Museum Het Valkhof. Hier vind je de kunstschatten, waaronder een schitterend masker. Heel anders dan het masker in Sanadome.

Stadsrechten

Na de Bataafse Opstand bouwden de Romeinen in 71 n. Chr. een nieuw kamp op de Hunnerberg, de castra (legerplaats) van het Tiende Legioen. Dit was de enige plaats in Nederland waar een compleet legioen lag. Rondom de castra ontstond een kampdorp waar handelaren, ambachtslieden en de vrouwen van de soldaten woonden. Tegelijk legden ze hier een compleet nieuwe stad aan: Ulpia Noviomagus Batavorum (Nieuwe Ulpische Markt in het land van de Bataven), de grootste stad van de Lage Landen. Van de Romeinse naam Noviomagus (Nieuwe Markt) is de huidige naam Nijmegen afgeleid. 


De Romeinse Limes, de meest noordelijke grens van het Rijk

Tegenwoordig grotendeels verborgen in de bodem, maar tweeduizend jaar geleden een ondoordringbaar obstakel: de noordgrens van het Romeinse Rijk, die in Nederland van Katwijk aan Zee tot Millingen aan de Rijn liep. Langs de Rijn lagen destijds tientallen forten en andere versterkingen. Op die wijze probeerden de Romeinen hun vijanden uit het noorden te beletten het machtige rijk binnen te dringen. En met succes, want mede dankzij de bewaking door talloze soldaten hield deze Limes (‘grens’ of ‘pad’ in het Latijn) ruim drie eeuwen stand. Langs de Limes zijn forten en andere verdedigingswerken (carvia, en castella), patrouilleschepen (liburna’s), bruggen, wachttorens en villa’s teruggevonden. Sommige zijn prachtig gerestaureerd, andere zijn slechts met contouren in het landschap aangegeven.


Marskamp

Vlakbij Ermelo zijn sporen gevonden van een Romeins legerkamp, aangelegd tussen 170 en 180. Een compleet legioen van 5000 man heeft hier enkele dagen gebivakkeerd, om daarna weer weg te trekken. Hun aanwezigheid is een groot raadsel, want het kamp ligt 35 km ten noorden van de toenmalige grens. De contouren van het kamp zijn nog altijd te zien. Het kamp meet 250 bij 350 meter en was omringd door een aarden wal van bijna een meter hoog en een V-vormige gracht van 1,5 meter diep. 

 



| Van marcherende Romeinse legers tot speciale wandeltocht |
    

Tweeduizend jaar geleden marcheerden de Romeinen vanuit Nijmegen naar Ermelo. Het beeld op de Ermelose heide herinnert aan die tocht. Loop hier de speciale marskamp wandelroute! Onderweg geniet je van het mooie landschap. Een mooie training voor een van de vele wandeltochten die nu in de Gelderse streken worden gehouden. Doe mee en geniet!

Bovenop de wal stonden kruiselings verbonden palen. Binnenin stonden honderden tenten in keurige rijen. Elke tent bood plaats aan acht man die op elkaar waren aangewezen en ook samen moesten koken. Hun haardplaatsen zijn teruggevonden, net als de plek waar ze hun houten haringen in de grond sloegen. Het kamp is maar een paar dagen gebruikt, maar wel door een compleet legioen. Misschien zullen we de reden nooit weten. Maar vooralsnog is dit het enige bekende Romeinse marskamp van heel Nederland.

Het einde van de Romeinse tijd

Rond 270 verlieten de Romeinen Ulpia Noviomagus Batavorum. Er bleef alleen nog een kleine handelsnederzetting aan de Waalkade. Het kostte de Romeinen steeds meer moeite de grenzen van hun rijk te verdedigen. In de vierde eeuw wist keizer Constantijn de Grote tijdelijk een einde te maken aan de chaos aan de grenzen van zijn rijk en richtte het gebied van het huidige Valkhof opnieuw in. Er werd een castellum (fort) gebouwd met diepe en brede grachten. Het castellum stond door patrouilles in verbinding met een wachtpost in Heumensoord. Op de oostelijke Waalkade werd de handelsnederzetting, die daar vanaf het midden van de tweede eeuw lag, met een dikke muur versterkt. Aan het begin van de vijfde eeuw bezweken de Romeinse rijksgrenzen definitief onder de Germaanse invallen en verdwenen de Romeinen geruisloos van het Nijmeegse toneel.